We snappen het!

Al die berichten over Duurzaamheid en dat het zo belangrijk is voor de toekomst en de generaties die nog komen, maken in ieder geval een ding duidelijk: we snappen dat het belangrijk is.
Daarbij zijn er steeds meer bedrijven die duurzaamheid een rol geven in hun visie en missie. Vaak wordt dat nog wel gekoppeld aan de noodzaak de schade voor het milieu / klimaat te beperken.
Logisch dat ze dat stellen, immers dat is de manier waarop men op dit moment met elkaar communiceert. Met behulp van een dreigement maatregelen noodzakelijk maken en dus rechtvaardigen.

Alles is te goedkoop

De verrijkende maatregelen die volgens het IPCC nodig zijn om de schade nog enigszins te beperken moeten erop gericht zijn de enorme externe kosten van onze wereldwijde consumptie te internaliseren ( in de prijs verwerken). Dat is economisch prietpraat om duidelijk te maken dat onze koopkracht behoorlijk achteruit zal gaan.

Externaliteit

Een externaliteit, extern effect of externe kosten zijn niet gecompenseerde, door derden gemaakte kosten of geleden schade als gevolg van een economische activiteit

Voorbeeld: een budgetretourtje New York kost €350. De schade aan het milieu zit daar niet in.

Volgens een rapport  van Risky Business  (The bottom line on climate change )zouden de kosten als gevolg van klimaatverandering alleen in de Verenigde Staten al uitkomen op honderden miljarden dollars aan het eind van deze eeuw. Denk daarbij aan schade aan gebouwen, kosten als gevolg van ziekteverzuim en duurdere airconditioning. Dit zijn externe kosten die niet gedekt worden door je vliegticket. Datzelfde geldt voor aardbeien uit Spanje of de kiloknallers in je BBQ-pakket op de camping. Het Planbureau voor de Leefomgeving becijferde recentelijk dat milieukosten in Nederland uitkomen op  €31 miljard, ofwel 4,5% van het BBP, per jaar.

Vraag maar aan Samsom

Een vérgaande belasting op dat soort activiteiten en consumpties is de meest voor-de-hand-liggende beleidsmatige oplossing. We hebben het hier niet over een belasting van een paar procentjes op fossiele brandstoffen. Een dergelijke belasting zou dermate hoog moeten zijn dat het gebruik van kolen of aardgas niet meer rendabel is. En dat is politiek eigenlijk niet haalbaar. Niemand behalve de meest hardcore geitenwollensok wil zijn of haar welvaart opgeven. Kijkt u bijvoorbeeld naar het gekrakeel op het plan van Diederik Samsom de belasting op aardgas met 75% te verhogen. De beste man wist niet hoe snel hij terug moest krabbelen.

De realiteit is dat een echte duurzame economie ontzettend veel minder leuk is dan hippe sociale startups opzetten of mooie pr halen met je gezellige groene beleggingen. Een echte duurzame economie betekent dat álles – van kleding tot voeding tot energie – vele malen duurder wordt, economische groei lager uitvalt, je niet meer met het vliegtuig op vakantie mag en alleen nog seizoensgebonden en lokaal kunt eten. Deze maatregelen lijken op geen enkele manier politiek haalbaar. Totdat die keuzes worden gemaakt is onze gezellige duurzaamheidshobby  niets meer dan een druppel op een gloeiende plaat.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *